Wat is een implantaat

Een implantaat lijkt op een titanium schroefje en is te vergelijken met een kunstwortel, welke op de plaats gezet wordt van de wortel van de tand of kies die verloren is gegaan. Titanium is een sterk metaal en is heel biocompatibel. Dat wil zeggen dat het lichaam het niet afstoot waardoor het bot er direct tegenaan kan groeien, dit proces wordt osseointegratie genoemd. Van veel implantaten is het titanium oppervlak bewerkt. Dit versnelt de botgroei rondom het implantaat waardoor deze na inheling ook vaster gaan zitten.

Implantaten worden gebruikt voor behandelingen van mensen die tanden missen of helemaal geen tanden meer hebben. Implantaten zijn in verschillende doorsneden en lengtes verkrijgbaar. De lengte en doorsnede van het implantaat zal gekozen worden aan de hand van het beschikbare bot en het te vervangen gebitselement. Een ondersnijtand zal met een smal implantaat vervangen moeten worden en een kies zal idealiter met een breder implantaat vervangen worden. Over het algemeen hebben de implantaten een doorsnede tussen de 3 en 6 mm en de lengtes variëren tussen de 6 en 15 mm. Mocht de breedte van de kaakwal niet voldoende zijn, dan bestaan er nog mogelijkheden om deze te verbreden. Botvermeerderende technieken kunnen voor of tijdens het implanteren worden toegepast.

Waar kunnen implantaten worden gebruikt?